×
×

Rozen in de tuin

Op de vraag: "Noem een bloem?", is het antwoord van de meesten waarschijnlijk: "de roos". Ondanks de grote bekendheid en geliefdheid van de plant heeft toch lang niet iedereen rozen in de tuin. Waarom niet? Mogelijk heeft het ermee te maken dat men ervan uitgaat dat de roos veel onderhoud nodig heeft. Een andere mogelijke oorzaak is het enorme bijna onoverzichtelijke aanbod aan verschillende soorten. In dit artikel wordt een poging gedaan veel vragen rond rozen te beantwoorden. Lees verder, wordt verliefd en plant een roos!

rozen in de tuin

Soorten rozen

Er zijn zeer veel soorten rozen. Rozen kunnen onder meer verschillen wat betreft kleur, geur, grootte van de bloemen, kort of hoge stam, wel of geen klim/slinger eigenschappen, één of meerdere lange of kortere bloeiperioden.

Theehybriden of grootbloemige rozen

De theehybriden staan bekend om hun grootte, schoonheid en geur en zijn ontstaan uit het kruisen van de uit China stammende theeroos en de remontantroos. Uit de theeroos zijn de langdurige bloei, sierlijke vorm, prachtige kleuren en heerlijke geuren meegenomen en uit de remontantroos de robuustheid. Bekende soorten theehybriden zijn onder meer: Crimson Glory, Duftwolke, Erotica, Michelle Meilland, Peace, Papa Meilland en Prima Ballerina.

De theehybriden zijn geschikt voor in bloembedden, als snijbloem in een haag of als vrijstaande plant. Deze rozen kunnen ouder dan twintig jaar worden en hebben een bloeitijd van wel vijf tot zes maanden per jaar. Geschikte snijrozen zijn onder meer Carina, Duftwolke, Koningin der rozen, Super Star en Virgo. Wanneer de rozen in een bloembed worden geplant dient de afstand vaak zo'n halve meter te zijn maar dit verschilt per soort doordat de ene meer in de breedte groeit dan de andere. Enige ruimte tussen de rozen is nodig om te voorkomen dat de wortels van verschillende planten met elkaar gaan concurreren om voedingsstoffen, om te kunnen mulchen en sproeien. Wanneer de planten te dicht op elkaar staan worden de omstandigheden voor ziekten en schadelijke insekten beter, wat uiteraard voorkomen moet worden. Voor in een haag zijn de soorten Ballet, Crimson Glory en Gloria dei bijzonder geschikt.

Omdat een gesnoeide rozenstruik er niet mooi uitziet, is het meestal een goed idee om de rozenbeplanting te combineren met andere planten zoals dwergrozen, dwergsalvia, kattekruid, lavendel of witte knoop. Primula's kunnen worden gebruikt om voordat de rozen in bloei staan al voor kleur te zorgen.

Floribundarozen

De Floribundaroos is een kruising van de theehybride en de Polyantharoos. Net als de Polyantharoos heeft de Florabundaroos bloemen in trossen (waar de theehybriden individuele bloemen heeft). Door de tijd heen zijn de bloemen per tros minder en groter geworden. Floribundarozen groeien weelderiger/bossiger dan theehybriden en bloeien langer met minder lange tussenpauzes. Veel van deze rozen bloeien ook prima onder minder goede weersomstandigen. Als snijbloem is de Elysium geschikt. Lage soorten zijn onder meer Insel Mainan, Marlena, Paddy Mc Gredy en Topsi. Voor een haag van zo'n anderhalve meter zijn de soorten Bayreuth, Chinatown en Queen Elizabeth geschikt.

Klimroos

Er zijn twee groepen klimrozen. De eerste groep bloeit in juli of augustus, de tweede in in juni. Het eerste type klimroos krijgen dichte trossen kleine bloemen die enkelbloemig of gevuld kunnen zijn. De bloemdragende scheuten groeien jaarlijks uit de stam. Uitgebloeide takken dienen na de bloei te worden verwijderd. Voorbeelden van deze klimroos zijn: American Pillar, Crimson Shower, Dorothy Perkins, Excelsa en Sanders White. Bloemen van de tweede groep klimrozen zoals de Albertine worden groter. Nieuwe scheuten kunnen zowel uit de basis als hoger uit de stam groeien. Na de bloei dient de stam net boven de nieuwe scheuten te worden gesnoeid.

Slingerroos

De slingerroos lijkt op de klimroos uit de tweede groep. Deze roos ontwikkelt een stevige stam waar aan de basis slechts af en toe nieuwe scheuten ontstaan. De bloemen zijn meestal groot, vergelijkbaar met de theehybride en staan alleen of bevinden zich in een kleine trossen. Soorten die meerdere keren per jaar bloeien zijn onder meer: Bantry Bay, Carolien Testout, Casino, Compassion, Danse du Feu, Glorie de Dyon, Golden Showers, Grand Hotel, Händel, Mermaid, Mme. Grégoire Staechelin, Pink Perpétue, Schoolgirl en Swan Lake. Bij sommige soorten kan de stam onderaan na verloop van tijd enigszins kaal worden zodat deze mogelijk beter met een andere plant aan het zicht kan worden onttrokken. De slingerroos kan opgroeien tegen een ronde paal, een van ronde palen gebouwde piramide, een boom of uitwaaierend langs horizontale verzinkte draden die op ongeveer dertig cm afstand en aan tenminste 10 centimeter lange in een muur geplaatse pinnen zijn bevestigd. Met deze methode kan ook een haag worden gevormd tussen in de grond geslagen palen op 1,5 a 2 meter afstand van elkaar. Als bodembedekker kan de R. wichuraiana worden ingezet. [...]

Wanneer, waar en hoe plant je een roos?

Rozen hebben over het algemeen veel zon nodig maar sommige klimrozen kunnen tegen een muur op het noorden groeien. De grond moet niet te kalkrijk zijn (want rozen gedijen het best in licht zure grond met een ph-waarde van zes a zeven) en niet te zuur. De grond moet niet te licht of te zwaar zijn. Zware grond kan aangevuld worden met turf en zand terwijl aan lichte grond humus kan worden toegevoegd. Hoewel rozen over het algemeen vrij veel water nodig hebben moet de grond wel doorlatend zijn zodat deze kan opdrogen. Een roos kan beter tegen enigszins droge grond dan tegen voortdurend natte grond. Rozen moeten voldoende ruimte hebben voor luchtcirculatie maar dienen niet op een te winderige plek te worden gezet. Gemiddeld kunnen rozen het beste op 40 a 50 centimeter van elkaar worden geplant voor voldoende ruimte, lucht en voeding. Zorg ervoor dat de roos zonder veel moeite voldoende licht en voeding tot zich kan nemen. Het is daarom beter enige afstand van bomen te houden. Omdat de grond direct tegen een muur droger is moet de roos ook op enkele tientallen centimeters van een muur geplant worden met de wortels enigszins van de muur af gericht.

Zorg ervoor dat de grond voor het planten in goede conditie is gebracht. Zet rozen niet op een plek die al jaren in gebruik is voor rozen. Als dit wel het geval is dient de grond te worden ververst omdat veel voedingsstoffen uit de grond zullen zijn verdwenen. Zware grond moet twee steken diep losgewerkt worden, bij lichte grond is dit niet nodig. Voordat je de roos plant doe je er goed aan in het gegraven gat compost of mest te strooien.

Anders dan rozen die uit volle grond komen, kunnen rozen die in containers/pot gekweekt zijn het gehele jaar door worden geplant waardoor de aankoop van dit soort rozen voor velen de voorkeur heeft. Geef de roos voor het planten nog water. Graaf een gat dat in diameter ruimte overlaat zodat de grond om de plant heen niet te vast zal zijn. Ook de grond onderin het gat moet losgewerkt worden. Zorg er bij het verwijderen van de pot voor dat de wortels niet te veel worden verstoord. Zet de plant in het gat, vul het gat aan met goede grond, druk de aarde voorzichtig goed aan en geef vervolgens water en eventueel rozenmest.

Rozen die niet in pot zijn gekweekt kunnen het beste in november geplant worden. Mocht de grond op het moment van aankoop bevroren zijn, dan kunnen ze ook tijdelijk in de verpakking bewaard worden op een koele maar vorstvrije plek. Voordat ze op de definitieve plek worden gezet kunnen ze ook tijdelijk op een andere plek worden ingekuild.

Voor het planten kan de roos een tijdje in een emmer water worden gezet. Lange wortels kunnen worden ingekort, de overige wortels moeten over de oppervlakte van het gat worden verspreid. De wortelhals moet 1 a 2 centimeter onder grond komen. Bij het aanvullen van het plantgat moet de grond worden aangedrukt en vervolgens moet de roos ruim water (5 a 10 liter) worden gegeven.

Rozen met hoge stam oftwel (hoog)stamrozen moeten verbonden worden (niet te strak) met een stok die voldoende lang is om de kroon te bereiken.

Roos in kweekkas

Door rozen begin december in een kweekkas te plaatsen zullen in het voorjaar vroeger bloemen ontwikkeld worden, bij een onverwarmde kas rond eind mei, bij een verwarmde kas eerder. Zorg in de kas voor voldoende frisse lucht (tegen meeldauw) en bescherm de planten tegen een teveel aan zonlicht. De roos kan tot twee knopen worden teruggesnoeid. Geef eens per week een matige hoeveelheid water en zodra de plant gaat groeien meer. Ook kan een kleine twee maanden na het terugsnoeien vloeibare mest worden toegevoegd.

Hoe verzorg je rozen?

In de winter heeft een roos nauwelijks verzorging nodig. Om ziektekiemen te doden kan het wel helpen om één tot drie keer te bespuiten met een ecologisch verantwoord alternatief van de vroegere Bordeauxse pap. Ook is het mogelijk hiervoor een compostthee te gebruiken die je zelf kunt maken. De nuttige schimmels en bacteriën zullen de schadelijke verdringen. Doe hiervoor een hand compost in tien liter water, voeg eventueel een eetlepel suiker toe als voeding en laat dit twee dagen staan onder af en toe roeren. Na het middel met een doek te hebben gezeefd kan het in de drukspuit.

Wanneer de rozen in het voorjaar zijn gesnoeid kan rozenmest worden toegediend. Bij droog weer en gebruik van droge mest moet vervolgens ruim water worden gegegeven. Verwijder in april het onkruid en voeg een verse mulchlaag toe. Deze mulchlaag dient om vocht vast te houden, onkruidgroei tegen te gaan en voor wat extra voedingsstoffen. Hiervoor kunnen verschillende materialen worden gebruikt zoals vergane compost, stalmest, boomschors, turf of houtsnippers. Een tweede moment om te bemesten is eind mei en op zijn laatst eind juli kan dit nogmaals worden gedaan.

Verwijder bloemen of bloemtrossen na de bloei om te voorkomen dat de plant energie steekt in de groei van bottels welke ten koste gaat van de groei van nieuwe bloemen. Gebruik een snoeischaar om boven het dichtsbijzijnde oog dan wel blad af te knippen of in geval van een tros onder deze tros.

Evenals de ontwikkeling van bottels, heeft ook de groei van uitlopers een negatief effect op de roos. De veredelde roos die geënt is op een andere roos kan uiteindelijk zelfs afsterven als niet wordt ingegrepen. Tussen een te verwijderen uitloper of een nieuwe tak die moet blijven zitten is meestal wel verschil te zien. Als de groei ontstaat onder de entplaats gaat het om een te verwijderen uitloper. Wegtrekken is in dit geval beter dan wegsnoeien omdat de uitloper in het laatste geval eerder terug is.

Hoe en wanneer snoei je een roos?

Rozen kunnen gesnoeid worden om beter de winter door te komen, in vorm te blijven, zieke, dode en kruisende/schurende takken te verwijderen en om de groei te bevorderen. De snoei in november (het voor eenderde inkorten van floribundarozen en theehybriden) heeft tot doel beter tegen winterse omstandigheden bestand te zijn. Voor theehybriden geldt dat eerst alle ongewenste takken worden verwijderd. Vervolgens kunnen ook de takken die sinds de vorige snoei zich teleurstellend hebben ontwikkeld kunnen worden verwijderd. Takken die er niet gezond uitzien kunnen geheel of deels worden verwijderd, bijvoorbeeld tot boven het eerste oog (als het eerste deel van de tak er wel gezond uitziet). Takken met een bruine kern kunnen oog voor oog verwijderd worden totdat er alleen levend hout overblijft.

Zolang de roos gedurende de wintermaanden in rust is maakt het niet veel uit wanneer precies wordt teruggesnoeid. Van de gezonde takken kunnen er drie tot vijf blijven staan welke teruggesnoeid worden tot ongeveer vijf ogen. Kies een oog dat naar buiten is gericht zodat de kans groter is dat een nieuwe tak in de gewenste richting zal groeien. Een roos op armere grond hoeft minder te worden teruggesnoeid. Rozen die net geplant zijn kunnen beter verder teruggesnoeid worden tot twee a drie ogen zodat de wortels zich beter kunnen ontwikkelen.

Floribundarozen, polyantharozen en -hybriden worden min of meer op dezelfde manier gesnoeid. Bij oudere planten wordt tot ongeveer vijf ogen gesnoeid terwijl bij een eenjarige plant tot ongeveer vier ogen wordt gesnoeid. Sterke zijscheuten kunnen tot twee ogen worden gesnoeid en een geringe snoei van de hoofdtakken bevordert de ontwikkeling van nieuwe zijscheuten. Wanneer nieuwe hoofdtakken zijn ontstaan kunnen af en toe oudere hoofdtakken worden verwijderd.

Struikrozen worden de eerste jaren niet gesnoeid. Deze rozen bloeien op meerjarig hout dat slechts af en toe tot aan de basis wordt weggesnoeid voor de aanmaak van nieuwe scheuten. Als het om een eenmalig bloeiende plant gaat kunnen de uitgebloeide bloemen blijven staan omdat ook de bottels een mooi gezicht zijn. Van planten die meerdere keren bloeien moeten de uitgebloeide bloemen wel worden verwijderd. Oude en zieke takken kunnen worden verwijderd en de overige kunnen voor eenderde worden teruggesnoeid.

Ook de meeste klimrozen bloeien op meerjarig hout zodat deze ook het eerste jaar niet gesnoeid hoeven te worden. Om de aanmaak van nieuwe takken te stimuleren kunnen daarna de zijtakken tot ongeveer drie ogen worden teruggesnoeid. Uitgebloeide bloemen en verouderde en zieke takken kunnen worden verwijderd. Om een kale onderzijde tegen te gaan kan de aanmaak van nieuwe takken onderaan worden gestimuleerd door takken horizontaal te trekken of door hoofdtakken sterk terug te snoeien.

Te dicht vertakte miniatuurrozen dienen te worden uitgedund en dode takken verwijderd en te lange takken kunnen worden teruggesnoeid.

Wilde rozen hoeven maar weinig te worden gesnoeid. Verouderd en dood hout kan worden weggesnoeid. Om de groei van nieuwe takken te bevorderen kunnen na de bloei zijtakken tot eenderde worden teruggesnoeid. Ook hier geldt dat het af en toe terugsnoeien van de hoofdtak de groei van nieuwe takken aan de onderzijde kan stimuleren. Om de vorm van een haag te behouden zal aan vormsnoei moeten worden gedaan maar een strakke haag is van een roos niet te verwachten. Een botteldragende wilde roos moet vroeg in het voorjaar worden teruggesnoeid zoals een floribundaroos.

Hoe ziet een goede roos eruit?

Een goede roos heeft een hoofdstam van tenminste 15mm dik en tenminste twee verse, stevige, onbeschadigde en niet bruin/grijs gevlekte takken met ongeveer een potlooddikte in doorsnee. De plant moet stevige wortels met kleine zijwortels hebben. De bast van de plant mag niet rimpelig zijn geworden (door watergebrek).

Welke rozen hebben weinig last van ziekten?

De volgende theehybriden hebben onder normale omstandigheden weinig tot geen last van ziekten: Chicago Peace, Circus Knie, Garden Partym King Ransom, Gloria Dei, Koningin der Rosen, Wizo. Sterke floribundarozen zijn: Alamain, Apricot Nectar City, Chinatown, Leeds Escapade, Matange, Sarabande. Sterke struikrozen zijn: Aloha, Golden Showers en Händel.

Wat kost een roos?

De prijs van een roos hangt af van het soort, het formaat en de verkoper. Vooral supermarkten en bouwmarkten kunnen af en toe stunten met prijzen. Als je geluk hebt kun je zo voor weinig geld een mooie plant aankopen. Als je echter pech hebt, tik je een roos op de kop die alleen met veel moeite en tijd tot een goede plant is om te kweken. Bij het kopen van een roos kun je dus meestal beter niet de prijs doorslaggevend laten zijn.

Waar kun je rozen kopen?

Rozen zijn op veel plaatsen te koop: offline en online bij kwekers, in tuincentra en soms zelfs in supermarkten. Hoewel de vaak goedkope supermarktrozen van een prima kwaliteit kunnen zijn, is de kans op minder goede exemplaren over het algemeen groter dan wanneer je bij de kweker koopt. Supermarktrozen kunnen zich bijvoorbeeld te snel (en daardoor zwakker) hebben ontwikkeld doordat ze langere tijd onder plastic in een broeierige atmosfeer hebben gestaan. Verder is het mogelijk dat ze te lang zonder water hebben gestaan. Bij kwekers is dit risico minder groot en is de keuze bovendien (veel) ruimer.

Met welke ziekten kan een roos te maken krijgen?

De bekendste ziekten waar een roos mee te maken kan krijgen zijn meeldauw, sterroetdauw en roest.

Meeldauw

De kans op meeldauw is groter bij te weinig luchtcirculatie en worteldroogte. De sporen worden door de wind verspreid. Meeldauw is te herkennen aan grijze poederachtige plekken op blad, stengels en knoppen. De plant wordt lelijk en de groei wordt belemmerd. Het bestrijden van meeldauw kan volgens sommigen door een oplossing van 40% magere melk en 60% water op de planten te spuiten maar er zijn ook diverse anti-meeldauw-middelen op de markt.

Sterroetdauw

Ook sterroetdauw verspreidt zich met sporen via de lucht. De ziekte is te herkennen aan zwarte groter wordende vlekken die vaak beginnen bij de onderste bladeren. Als de ziekte doorzet wordt het overige blad geel en valt af. Als sterroetdauw steeds weer terugkomt verzwakt de plant en kan die zelfs afsterven. Door rozen regelmatig te controleren op de zwarte stippen en het aangetaste blad weg te halen en in een afgesloten groenafvalcontainer of zak te stoppen kan voorkomen worden dat de hele plant wordt aangetast. Vergeet ook niet de gebruikte snoeischaar te ontsmetten. Als sterroetdauw optreedt kan het zijn dat de roos op een te vochtige plek staat. Sommigen zeggen dat het planten van ui of knoflook naast de roos de kans op sterroetdauw vermindert. Sommige niet giftige middelen op de markt hebben vooral een preventieve werking doordat ze door specifieke voeding de plant weerbaarder maken. Er zijn ook chemische middelen op de markt met een systemische werking (de stof wordt door het blad opgenomen en in de plant verspreid) die legaal zijn en dus niet schadelijk voor mens en dier zouden moeten zijn maar of dit soort stoffen daadwerkelijk zo onschuldig zijn wordt door anderen betwijfeld.

Roest

Roest is te herkennen aan oranje-rode vlekken en uitstulpingen aan de onderzijde van het blad. Als een roos ernstig is aangetast sterft deze af. De ziekte ontstaat vooral bij vochtig weer. Voldoende kalihoudende mest zou roest mogelijk kunnen voorkomen, met stikstofbemesting moet juist matig worden omgesprongen. Laat aangetast afgevallen blad niet liggen want dat vormt voor het volgende seizoen weer een infectiegevaar. Om de kans op roest te verkleinen dient de roos van voldoende voeding te worden voorzien en door de roos op de juiste plek te planten en te snoeien kan voor voldoende luchtcirculatie worden gezorgd. Ook tegen roest in rozen zijn chemische middelen op de markt zoals (het voor waterorganismen schadelijke!) Rosacur.

Er zijn nog geen reacties.


inloggen